Vorige maand zat ik aan de keukentafel bij een buurjongen van acht die met een zucht zijn tafelkaartjes op een stapel schoof. "Dat lukt me nooit," zei hij. Een kwartier per dag, zes weken later, rolde hij de tafel van 7 er foutloos uit. Dat is ook het antwoord op de vraag die veel ouders stellen: met 15 minuten oefenen per dag kennen de meeste kinderen de tafels van 1 tot 10 na vier tot acht weken zeker, mits ze elke dag oefenen en niet alleen in het weekend.
Waar die vier tot acht weken vandaan komen
Reken even mee. De tafels van 1 tot 10 bestaan uit 100 sommen, maar omdat 3 keer 7 hetzelfde is als 7 keer 3, hoeft een kind er feitelijk maar 55 echt te onthouden. Daarvan zijn de tafels van 1, 2, 5 en 10 bij de meeste kinderen binnen een paar dagen gesleten, zodat er ongeveer dertig lastige sommen overblijven, vooral rond de 6, 7, 8 en 9. Een kind dat per dag een kwartier oefent, haalt in dat kwartier gemakkelijk 40 tot 60 sommen. Bij vier weken oefenen is dat in totaal zo'n zeven uur, en in zeven uur herhaal je elke moeilijke som tientallen keren. Dat is precies wat het geheugen nodig heeft om een som van rekenen naar weten te laten verschuiven. Kinderen die snel opgeven of onregelmatig oefenen, zitten eerder op acht weken of langer.
Hoe je dat kwartier slim indeelt
Het grootste misverstand is dat je een tafel van boven naar beneden moet opzeggen. Dat werkt voor het opzeggen van de reeks, maar niet voor het snel antwoord geven op een willekeurige som. Besteed daarom de eerste vijf minuten aan één tafel in volgorde, en de overige tien aan door elkaar gehusselde sommen, bijvoorbeeld met kaartjes of een app. Begin met de tafel waar je kind het meest mee worstelt, niet met de makkelijkste. Laat fouten gewoon staan en kom er een dag later op terug, want juist de sommen die niet lukken, hebben herhaling nodig. Een korte, vaste tijd, zoals direct na het eten, werkt beter dan een lange sessie op zondagmiddag. Houd het luchtig: een spelletje 'wie is het snelst' met een zus of broer levert vaak meer op dan een extra kwartier dwang.
Wil je weten of het werkt? Test na twee weken met tien willekeurige sommen en geef er zes seconden per som voor. Haalt je kind er acht of meer binnen de tijd, dan zit het in de goede richting. Zo niet, houd dan dezelfde aanpak aan maar knip de moeilijke tafels in kleinere stukjes, bijvoorbeeld alleen de 7 keer 6, 7 keer 7 en 7 keer 8. Vier weken later is meestal duidelijk wie er met plezier doorheen vliegt. En mocht het na acht weken nog steeds stroef gaan, praat dan eens met de leerkracht, want soms zit er een andere oorzaak onder, zoals concentratie of een gebrek aan zelfvertrouwen, en dan helpt extra oefenen alleen niet.